zondag 24 april 2011

Slaapzak voor een oerbaby

Ik heb wel eens last van enige 'oerreflex'. Om een voorbeeld te geven: mijn moeder stak bij het flamberen de keuken bijna in brand en ik vluchtte naar boven. U leest dat goed: naar de ruimte die zich boven het plafond bevond dat ei zo na in lichterlaaie stond. Erg intelligent, wat u zegt. Een vriend van me benoemde dat later als oerreflex: de apen kruipen bij brand ook in de bomen. Het lijkt me niet echt een zegen, oerreflexen.

Al kan ik dat nog niet met zekerheid zeggen, Zanne lijkt heel wat van dat 'oer' te hebben meegekregen. Ze is nu ruim zeven maanden, maar kan nog steeds naar eten zoeken zoals ze deed toen ze 1 minuut oud was. Ze schudt met haar hele lijfje als een hongerig biggetje, het heeft echt iets van een jong dier, iets wat we bij haar zus nooit zo sterk hebben gemerkt. Ook haar nood aan affectie is veel groter. Ze snuffelt, sabbelt, knuffelt, kruipt met haar neus zo diep mogelijk in je nek, ze voelt aan alles met overtuiging. Slapengaan gaat gepaard met een zoektocht naar zo veel mogelijk zachtheid. Ze heeft een echte knuffel, maar vindt het meeste rust in een slaapzak met lange mouwen, om aan de snuffelen (hoewel men dat hier niet zo graag ziet.)

We hadden een winterexemplaar. Maar in deze Tropische Paasvakantie stond dat garant voor een Plakkezanne in de ochtendstond. Vorig jaar won ik bij Ruimtevisser het boek Cool Baby. De ontdekking van haar blog stond meteen ook garant voor een regelmatige 'dagopkikker', want Ruimtevissers kinderen verkopen praat waar menig stand-up-comedian iets van kan leren. Nu kan ik eindelijk eens laten zien wat ik met mijn verworven boek heb gedaan.

Het hele boek baadt in een soort van 'klinkt-het-niet-dan-botst-het'-sfeer, die uitzonderlijk goed bij mijn gebrek aan geduld past. Doorgaans hou ik zelf nogal van millimeterstiksels, maar de projecten in het boek vragen om wat ruwer werk en maken 'slordig' tot een soort van coole stijl op zich. In het boek staat beschreven hoe je van een in onbruik geraakt t-shirt van jezelf een grappig meisjesjurkje kan maken. De stap naar een slaapzak vergt dan bijzonder weinig denkwerk: één ondernaad om precies te zijn.

Ik vond in het kringwinkelritsassortiment van collega Pernel een bruine rits met een 'zachte onderkant'. Hoera, rits wegwerken aan de binnenkant ook al niet nodig. En ik had geluk wat de maat betreft: een t-shirt van mij heeft met mouw en al net dezelfde totale breedte als een longsleeve van Zanne.

Een uurtje later, uit twee oude t-shirts: een slaapzak.


Wie zou er nu nauwkeurig te stikken in een shirt dat in de was toch al scheef trok? Part of the style! En voor Zanne niets leukers dan snuffelen aan een stof die al enige afgewassenheid vertoont.

Voor wie ook gelukkig wil worden van de kracht van de nonchalance en bovendien wel wat voelt voor het betere recyclagewerk:

vrijdag 22 april 2011

Fie speelt op het gras

Fie is een kersvers lentekind.

Haar papa speelt altijd. En wordt daar nog voor betaald ook. (Zo gaat dat met acteurs.) Haar mama maakt spelen mogelijk voor alle kinderen van de stad. (Zo gaat dat als je op een jeugddienst werkt.) En kleine Fie? Die speelt deze zomer op het gras!

Ik maakte een zomerversie van de 'knuffelzachte dekentjes' die een tijd geleden tophit waren in blogland. Ik weet niet meer waar ze eerst te zien waren, hier of hier. Geen harige buitenkant voor de zomerversie, maar waterafstotende bolletjes. Groene paspel rondom. En twee riempjes in de zijnaad om het ding handig te transporteren.

Fie's paps durft zich des zomers wel eens te vertonen op iets Vespa-achtigs, dus ik ging op zoek naar Vespastof (Echino). Niet zo makkelijk meer op de kop te tikken, bleek, maar ik vond gelukkig nog een lap in een uitverkoop. De onderkant is gemaakt van een tafellaken, iets tussen stof en toile cirée.

Voor de grap stak ik er een plooihandleiding bij, maar de papa bleek die toch nodig te hebben...

Slecht nieuws voor de insectenpopulatie in de tuin van het nieuwbakken gezin. Dit dekentje meet 110 op 110 cm en dat zijn, volgens de pater familias, bij benadering de afmetingen van de volledige grasmat. Als ik deze zomer een dier mocht zijn, het was alvast geen mier ten huize Fie...

donderdag 21 april 2011

Half

Soms loopt het niet helemaal zoals je het in je hoofd had.

Neem nu de bruiloft van de eeuw. Nee, nìet die van Kate M. en haar toekomstige prins W. Wie maalt daar nu om? Ik heb het over die van Tante Linde en haar kersverse echtgenoot Nonkel Pieter. Die bruiloft was af. De bruidegom was goms en de bruid was bruids. Het weer was mooi, de locatie was nog mooier, en het gehele minderjarige suitekorps was ging assorti gekleed aan elkaar en aan de bloemen. Die outfits waren van mijn hand, bestonden uit vier jurkjes, een hemdje, een kniebroek en een onderbroek. En die geraakten op tijd af. Zij het nipt. Zo nipt, dat ik er niet toe kwam er ook maar één foto van te nemen.

Dus na meer dan een maand blogstilte hoopte ik met grote trom en veel foto's een reeks kleedjes te laten zien. Niet dus. Eén troost, de echte foto's komen hiervandaan. Dus het wachten zal lonen.

Soms loopt het niet helemaal zoals je het in je hoofd had.

Neem nu mijn naaiatelier. Dat had tegen deze tijd in volle glorie in gebruik moeten zijn. Met knopenkast, stofkast, kniptafel, helder licht, weggewerkte draden, grote ramen, leuk behang. En al. Dat behang werd besteld. Er werd op gewacht. Een maand later arriveerde het: onderaan gedeukt zodat er om de 10 cm een bobbel zat. En met een kleurfout van boven tot onder op beide rollen. Een fout die werd ontdekt toen er 1 baan tegen de muur zat.

Dus na meer dan een maand blogstilte hoopte ik met veel zwier een blik te kunnen geven op mijn naaimachine, tegen de achtergrond van het behang dat me daar vrolijk zal maken. Niet dus. Want er hangt nog maar 1 baan.

Dus u krijgt een foto van Zanne. In haar trouwonderbroek. Voor die ene baan behang.
Toch eentje die er nog om kan lachen.