... en met watersandalen die wel een zeer kort leven waren beschoren. (Eén wandeling door zee, meer bepaald.)
En daarna vertoefden we een week in Hotel Omabetty. Er is nog wel wat verbouwwerk aan onze stulp en dat was een klus voor Livs vake de voorbije week. Mijn buikbewoner heeft mij de eigenaardige eigenschap geschonken om de wereld meermaals per dag in horizontaal zicht te mogen aanschouwen. Een evacuatie van Liv en mezelf was aangewezen om de werken te doen vooruitgaan. Dus resideerden wij Daar Waar De Holle Wegen Het Landschap Typeren (en waar Omabetty en Opajan ons van een prima 'volpension' voorzagen).
En dat brengt me bij een andere Draad. Ik weet dat ik gezworen had dat handwerk voor mij betekent: 'werken met materiaal dat niet uit losse draden bestaat'. Daarom heb ik ook een breiteam. En toch heb ik me de voorbije wegen gewaagd aan het tergend-traag-vooruitgaand-werkje dat 'haken' heet. Want haken is wel handig als je een werkje wil voor op de trein. Of voor aan de zee. Of voor in de auto. Of voor op het Leuvens Stiksel, als je het niet ziet zitten om daar veel materiaal mee heen te slepen. En ik moet zeggen, ik begin er lol in te krijgen.
Pernel is mijn 'personal assistant' en leende me een hilarisch gedemodeerd boek met alle steken. Let wel, ik haak op z'n Riets. Het moest dus iets worden waarbij tellen, rekenen of patronen volgen niet nodig is. Voor mij geen stapeltjes lapjes maar één groot stuk 'stof', steek 'altijd rechtdoor'.
Ik ben fan van het gestreepte haakwerk van Anne-Claire Petit. En Liv heeft een 'zittend gat'. Dat wil niet zeggen dat het een kind is dat de hele dag voor Bumba in de zetel hangt (integendeel). Maar ze is erg fan van zitmateriaal dat net onder haar kleine beentjes past. Dorpels, kinderstoeltjes, pakken luiers, de Bumboseat die ze zo haatte toen ze er de leeftijd voor had, ...: alles is goed om honderd keer op en af te kruipen. Om net te zoeken naar die houding die haar beentjes optimaal laat bungelen. Een gestreepte poef voor Liv, kniehoogte, dat is dus de missie.
Uw correspondent waggelde dus richting Veritas. Voor katoen. Want dat is makkelijk voor beginners, zei Pernel.
Het moet één van mijn minder heldere momenten geweest zijn. Op één of andere wijze leken helderrood, gifgroen en chocoladebruin perfect te accorderen in het kunstlicht van de winkel. En ook toen ik aan de klus begon had ik echt niet in de gaten wat ik aan het doen was. Tot meer en meer mensen me de vraag stelden wat ik van plan was met een gehaakt lint voor een miss-verkiezing. Ook het afwisselen van verschillende dunne en dikke streepjes kon mijn omgeving niet van de mening ontdoen dat ik aan een Belgische driekleur werkte. Toen ik een eindje wilde haken op bezoek bij mijn 96-jarige groottante, riep zelfs zij enthousiast uit "Ah, tu fais le crochet de La Libre Belgique, toi!"...
Het haken van een Anne-Claire-Petit-Poef mag dan op zich eenvoudig zijn, volgens mij is haar neus voor kleurkeuze net iets beter dan de mijne... Eloleo stelde me, op de trein naar de LeuvensStiksel ChienVertUitstap, voor om kobaltblauw toe te voegen. Maar bij Veritas blijkt paars de enige beschikbare tint die in de buurt van kobaltblauw komt. En als je echt eens pijn aan je ogen wil, voeg dan een paarse strook toe aan de Belgische vlag.
Ik haal het rood er af. Heb ik beslist. Dan krijg ik zoiets.
Jammer voor mijn allereerste gehaakte streep. Maar zo vind ik het doenbaar.
Zo, de draad is opgepikt.
Binnenkort vang ik ook eens dit stokje, dat al een paar weken door de lucht zweeft.





















