Posts tonen met het label jas. Alle posts tonen
Posts tonen met het label jas. Alle posts tonen

zondag 24 september 2017

One to hug: nieuws over kleintjes die groeien

Vandaag serveer ik u twee plezante nieuwtjes. Ze hebben allebei te maken met een van mijn gekoesterde patroontelgen. Het baby- en peuterjasje One to Hug is er voor de kleintjes, maar gaat een beetje groeien.

Eerste heuglijk feit: binnenkort wordt het patroon aangevuld met een nieuwe, gratis optie. Je kunt nu al kiezen voor een scala aan kappen en extraatjes, maar een badjas vond ik zelf nog een een hele plezante voor bijvoorbeeld een kraamcadeautje, dus die verschijnt binnenkort op de website!


Ik beloofde het eigenlijk al langer, toen ik er eentje maakte voor kleine Rénee. Maar kijk, van uitstel komt soms afstel, maar soms geeft uitstel een idee ook suddertijd. De moeder van Jitte, die ook een badjasje kreeg, liet me weten dat knoopjes makkelijker zijn dan een taillelint voor een baby. Dus ik voorzie beide opties.


En deze keer maakte ik er eentje met een vrolijke voering in de kap in plaats van biaislint rond de kap. In de badjasuitbreiding voorzie ik - wat had je gedacht - beide opties. 

Geen One to Hugs zonder super de luxe kapstoklusjes, hier. Ook handig in de badkamer.


En oh, je kunt zo'n leuke dingen doen met biaislint uit de stof geknipt. Het is iets meer werk dan kant en klare, maar geef toe, het effect is lollig.


Het tweede nieuwtje is er eentje over het jaspatroon zelf. One to Hug is een van mijn persoonlijke favorieten. Omdat het eenvoud met veelzijdigheid combineert, en omdat het zijn oorsprong heeft in het eerste Zo Geknipt!-boek, nog steeds een van de meest wonderlijke gebeurtenissen in mijn leven. Als u in staat bent om dit bericht te lezen zonder gebruik van de vertaaloptie in de zijbalk, dan heeft u waarschijnlijk weinig boodschap aan het nieuws. Want dan bent u het Nederlands machtig, de taal waarin ik hier met zoveel plezier mijn naaimachineroerselen neerpen. Dat Nederlands was tot nu toe de enige taal waarin ik patronen aanbiedt in mijn winkel

Maar ik krijg zo nu en dan wel eens een vriendelijk mailtje in het Engels. Of en wanneer ik het Engels toevoeg. (Laatst was er een waaghals die een boekentas in elkaar zou steken op basis van de plaatjes. Ik ben héél benieuwd naar het resultaat.) Engels- of anderstalige jasjesmakers hoeven alvast niet meer zo lang op hun Engels- of anderstalige honger te zitten. One to Hug is er binnenkort om te knuffelen én om te huggen! Het lijkt misschien een evidentie. En voor veel patronenmakers is het ook zo, sterker nog, vele Vlamingen en Nederlanders starten meteen met patronen in het Engels. Maar voor mij voelt het op een of andere manier als een sprong. Waarna ik zal afwachten of mijn baby leert zwemmen.


Ik nam het patroon voor de gelegenheid zelf nog eens ter hand. Mijn nichtje en haar man kregen een wondermooie dochter, die - over een paar jaar hopelijk - luistert naar de naam Elena. Ze kreeg een jasje in de versie met deelnaadkap. 


In een super zachte stof van bij Huis van Katoen, zoet in combinatie met oudroze voor het jasje, en vrolijk fris bij het muntgroen van de badjas. 


Ze moet er met haar twee maand nog even in groeien, die Elena, want ik maakte maat 68. Maar groeien doe je traag maar zeker. Dat geldt voor mensenbaby's, en voor patronenbaby's evenzeer!


zaterdag 17 december 2016

Wat mooi is zit binnenin: een winters verhaal

Kijk, de winter is welkom! U kunt het niet voelen dus u zult het van me moeten aannemen: dit is de warmste jas ooit. 

Het was een proces van lange adem. Zo'n lange adem dat ik hier wat dwaas zit te grijnzen naar mijn scherm, maar niet veel woorden verzonnen krijg. En dat overkomt me niet zo vaak. Ik ben content, ja. Dat vat zowat alles samen.


Ik besliste pas dat ik wat meer aan selfish sewing wil doen. De kasten van de dochters puilen uit. Of beter: de kast, want een week geleden bereikten we het historische moment waarbij de metingen twee keer exact 127,6 cm opleverden en er dus onmogelijk sprake kan zijn van een kledingstuk dat slechts een kind past. Als we wat bijblijven met de was, is er van kledingschaarste in de meisjeskast geen sprake.

U voelt al de overgang naar mijn eigen kast. Ik ken vriendinnen die nu op het puntje van hun stoel zitten, de vuisten gebald voor een onmiddellijke aanval mocht ik het wagen om te schrijven dat er daar wel over een tekort gesproken mag worden. Marie Kondo, het lijkt me zo'n type met een gezicht van plastic, dat je gladgestreken en met gebeitelde glimlach zal vertellen over haar methode. Maar zelfs zij zou enige zenuwtics vertonen bij de aanblik van 'cardigans in alle kleuren van de regenboog'. Het enige capsule aan mijn wardrobe is mijn reeks identieke skisokken.

Misschien net daarom dat ik toch een soort van schaarste opmerk als ik in mijn kleerkast sta. Ik heb nood aan rust in mijn hoofd en aan een portie sober en effen, niet aan een kleurenbom. Vandaar. Een relatief sobere jas. In grijze wol, een paar jaar geleden gevonden op een stockverkoop van grotemerkenstoffen. Loodzware stof, heel vast geweven, bijna vilt. Lekker warm en geweldig om mee te werken. Overal met dubbel doorstikte naden, want die gingen wat bol staan door de dikte en waren moeilijk plat te strijken.



Het model is een Lekalapatroon, nummer 4417, en ook niet. Er ging een testjas aan vooraf - wel met de originele lengte - en die bracht naar schatting 703 dingen aan het licht die niet helemaal goed zaten, hoewel het patroon zogezegd op maat had moeten zijn. Dit is dus een behoorlijk aangepast geval, al behield ik wel de mooie kraag en naden in de fronten. 

Om te beginnen kortte ik de boel een flink stuk in. De testjas hangt ook in mijn kast, en twee lange jassen, daar had ik nu niet meteen nood aan.


In korte versie vond mijn lieftallige wederhelft het allemaal wat 'afgesneden' aan de zoom, dus deed hij schoorvoetend de suggestie een rugsplit toe te voegen. Mijn lieftallige wederhelft moet zich vaker moeien, vindt u ook niet?


De kap wilde ik dan weer zelf graag. Omdat dat praktisch is, maar ook wegens het in de volksmond binnenkort vast algemeen aangenomen 'de kleren maken de man, en de voering maakt de jas'. En in dit geval zou ik wel gek geweest zijn om de voering nergens zichtbaar in de jas te stoppen... want ze is warm, zacht, zalig vlot verwerkbaar maar voornamelijk prachtig.



Ik zal mijn rits (ook part of the patroonhack) eens open doen, dan zie je ze beter.


Tadaa! French Terry van About Blue Fabrics, de stoffenlijn van Bambiblauw, uit de botanical garden reeks. Dit stofje is intussen al niet meer verkrijgbaar bij Bambiblauw zelf - naaiend Vlaanderen weet wat mooi is - maar wel bij heel wat andere webwinkels die de lijn ook verdelen.


Voila, in al haar glorie! Ik streek een laagje wattine tegen de stof, en we spraken af dat ze zich zou gedragen als katoen zolang ik aan het werk was, en als French Terry zodra ik de jas droeg. Ze hield woord: ik werkte met plezier met de gewone naaimachine en een stretchnaald/boventransportvoet en doorliep een lang maar bijna vloekloos parcours.


Ik zeg bijna, want bij het toevoegen van de split was mijn schaar overijverig - daar kon die stof natuurlijk niets aan doen - en dat zorgde voor een ietwat afwijkende rugsplitvoering. Ik kan er niet mee lachen in feite, maar het leven is aan de relativatoren. En van alle plaatsen waar de fout had kunnen zitten is 'op mijn derrière' symbolisch gezien misschien wel de beste locatie.


Het dresseren gebeurde met een labeltje en een jaslus volgens mijn intussen vaak beproefde biais/paspelrecept.


De kap is afneembaar en zit aan de kraag met 'onderstebovenknopen'. Er zit een rijtje knoopsgaten in de bovenste stoflaag van de kraag, en de knoopjes aan de onderkant van de kap schuiven daar onzichtbaar in.


Rest er mij nog Oon te bedanken. Voor een mooie dag waarop ze foto's nam. Ik zet me - het zal al dat mooie groen zijn - zelfs even over mijn aversie voor kikkerperspectief. Want, ik zei het al, hier staat een content mens.


zaterdag 22 oktober 2016

Tussenseizoen, part II

Voor Zanne maakte ik een meerseizoenenjas, maar dat was voor Liv niet nodig. Er hangt een dikke gewatteerde knuffeljas klaar, die de kast uit komt zodra we kunnen sabelen met ijspegels en zodra we kunnen genieten van de Frozenintro op de voorruit. Onze (verder optieloze) auto heeft één magic trick in zijn marge: ijssterren die groeien terwijl je rijdt. Gevaarlijk mooi. 

Maar voorlopig blazen we niet veel meer dan wolkjes in de lucht en rapen we kastanjes, en daarbij past: een herfstjas. Berlin, ook hier. 

 

Mijn doorgedreven stofopwerkplan deed me een combinatie uit de kast halen die me tot in de afwerkingsfase wat deed fronsen en twijfelen. De buitenstof ligt al jaren op de 'verkoopstapel' wegens gekocht in een vlaag van zinsverbijstering. Voor een broek als ik me niet vergis, en vervolgens voor niets meer, want kleine diva's durven vast niet op straat met een moeder in een bompabroek. Een rafelig dun stofje in een onbestemd groen, dat moeilijk verwerkte en moeilijk te fotograferen is. Bovendien dansten de ruitjes op en neer tijdens het maken en heeft de stof weinig tot geen warmte in zich. Ik had dus mijn twijfels, en bleef maar 'leger' of 'jager' denken, tot zij me de bruine paspel door koperen liet vervangen en ik er langzaamaan toch iets in begon te zien.


En daarbij, als voering, een prachtige bling-Lucy-has-a-secret-stof van bij Mon Depot. Een lap die ik ooit blind verliefd kocht en vervolgens doelloos parkeerde, omdat het zo'n specialleke is.


En ik weet niet of u het ziet zoals ik het zie - de inhoud van de jas heeft bij mij natuurlijk een streepje voor - maar helemaal op het eind besloot ik: ik vind dat het marcheert, samen. De stoffen, het seizoen, het paspel, het kind. Onderstaande foto geeft de meest realistische weergave van de kleuren zoals ze in het echt zijn, and I ♥ it.



Ik watteerde de voering, en dat was een beetje een uitdaging want de stof heeft al een zekere dikte en structuur.



Ik wilde vermijden dat de meisjes er zouden uitzien als een tweeling met hun jasjes, dus ik varieerde een klein beetje in opties. Geen zakflapjes deze keer en geen verlengde versie. Wel paspel, en twee knoopjes boven elkaar in plaats van naast elkaar. Dat maakt het front licht asymmetrisch, maar het stoort mij niet. 


Deze keer vergat ik de plooi op de rug niet, maar het flapje liet ik weg.


Ik wilde namelijk graag schouderflapjes, vond knopen in de perfecte kleur in mijn kast, maar had er maar net genoeg. 



Ik combineerde de staande kraag met de kap, en verving het beleg van de kap door boordstof - prikstofhater nummer 2 in da house. Ook Liv kreeg duimgaten aan de mouwen en klikkers voor wantjes.




Voila. Meer moet dat niet zijn. Ik ken niet veel van kleuranalyse, maar als ik voor Liv op een type zou moeten gokken, dan denk ik 'herfst'. En die holde ze in, de herfst, met een jasje dat er prima in past!


dinsdag 18 oktober 2016

Tweeseizoenenjas voor warmbloedigen

Er zijn eigenschappen van jezelf, die je in je kinderen herkent, en waar je niet fier op bent. Je waagt je aan genenmeeting en koestert de absurde hoop om de exacte mix aan positieve punten door te geven, maar dat lukt denk ik zelden. Er zijn dingen die je met plezier doorgaf. En er zijn zaken die niet in jezelf zitten, en die je blij, en zelfs een tikje jaloers, bij je kind ontdekt. Zo word ik elke zomer weleens gegrild in een moment van onoplettendheid. Met de fiets van A naar B, en van wit naar rood. Terwijl Liv naast me prachtig bronst doorheen zonnemelk factor babyvelproof. En zo ben ik elke winter Miss Waarismijnfleece, terwijl Zanne bij min dertien naar school vertrekt met kniekousen en thuis komt met blote benen. En met stomende klachten over haar lekker / veel te warme winterjas.

Daar moest ik iets op vinden. Winterjasloos leek me geen optie. Want af en toe moeten 's moeders bezorgdheid én koude-voeten-barometer het halen van de koppigheid van die kleine ijsbeer. Maar ik had ook geen zin in een hele winter gezeur over wattine en te hoog dicht geritste kragen. En dus gingen we voor moduleerbaarheid. Als we een najaar krijgen zoals vorig jaar hebben winterjassen toch geen zin, dan kan ze met blote armen op pad tot in november, en is er dan pas sprake van 'tussenseizoen'. 

Ik maakte Straight-Grains Berlin, met enige lichte aanpassingen. 



Het jasje werd 2 maten verlengd, op vraag van de bestemmeling die graag jassen ziet die haar aan jurkjes doen denken. 


Ze vroeg ook een jas zonder gekriebel onder haar kin, dus ik maakte de staande kraag maar verlaagde een centimeter en liet hem niet overlappen. 


Eén aanpassing gebeurde noodgedwongen, doordat ik het rugpand 'misknipte' en maar net genoeg stof had. De jas mist dus die mooie plooi op de rug en heeft een extra naad die - hoera voor het slimme ontwerp - mooi op de deelnaden van de voorkant aansluit. 


Aan de mouwen zitten wat 'folliekes': duimgaten (op vraag) en klikkers voor wantjes. Zo lang er geen protest op komt, blijf ik me daarmee wapenen tegen weeswanten. (Al vrees ik dat het verdwijnen van Livs nonchalance en haar verbod op wantklikkers zich niet mooi synchroon zullen manifesteren.)




Het moduleerbare van de jas zit hem binnenin. Ik maakte de jas met soepele wol - uit haar stoffenkast - en kocht een katoentje voor de binnenkant in de verse bakstenen stoffenwinkel in mijn thuishaven. Het patroon schrijft wattine voor tussen die twee, maar die liet ik weg. Wol plus katoen, dat is prima voor Zanne zo lang het niet vriest.


Die twee strepen biais links en rechts, die houden deelbare ritsen op hun plaats. 


Want als het wel vriest, voegen we een soort van bodywarmer toe aan de binnenkant, getekend volgens het patroon van de voering, en 'inritsbaar' tegen dat biaislint.



Aan de hals voorzag ik eerst een soort van beleg, waaronder die bodywarmer werd vastgeknoopt. Mijn 13-koppig naaigezelschap van dit weekend zal even met de ogen rollen omdat ik de hele jas nog eens uit elkaar haalde nadat hij helemaal af was, beleg incluis. Maar ze zullen moeten toegeven: dat zag er nogal prototypisch uit. Heel veel 'systeem' voor iets dat au fond best eenvoudig kon. Dus voorzag ik een elegantere oplossing. Bovenaan de bodywarmer zit nu een 'holle kraag'.


Die schuif je over de jaskraag heen en kan je aan binnen- en buitenkant vastzetten met knoopjes. Had ik het op voorhand bedacht, dan had ik de gewone kraag ook in het bruin gemaakt, want dat geeft de jas vind ik wel iets extra's.



Ik moest enkel nog iets verzinnen voor de jaslus. Dus die doet nu van kiekeboe.



"Die bodywarmer gaat zelden uit de kast komen," beweerde ik op weekend. Dat had ik gedacht! Mejuffer mag dan geen fan zijn van 'te warm', ik blijk wel mijn voorliefde voor 'veel vijfen en zessen' door te hebben gegeven. Ze vond de ritsen geweldig, en trok dus maar al haar kleren uit om met haar blote rug die zachte binnenkant te kunnen voelen.

Nog een muts en een sjaal bij het geheel, en er kan er alvast eentje de herfst/winter in!