Posts tonen met het label patroonhack. Alle posts tonen
Posts tonen met het label patroonhack. Alle posts tonen

zaterdag 17 december 2016

Wat mooi is zit binnenin: een winters verhaal

Kijk, de winter is welkom! U kunt het niet voelen dus u zult het van me moeten aannemen: dit is de warmste jas ooit. 

Het was een proces van lange adem. Zo'n lange adem dat ik hier wat dwaas zit te grijnzen naar mijn scherm, maar niet veel woorden verzonnen krijg. En dat overkomt me niet zo vaak. Ik ben content, ja. Dat vat zowat alles samen.


Ik besliste pas dat ik wat meer aan selfish sewing wil doen. De kasten van de dochters puilen uit. Of beter: de kast, want een week geleden bereikten we het historische moment waarbij de metingen twee keer exact 127,6 cm opleverden en er dus onmogelijk sprake kan zijn van een kledingstuk dat slechts een kind past. Als we wat bijblijven met de was, is er van kledingschaarste in de meisjeskast geen sprake.

U voelt al de overgang naar mijn eigen kast. Ik ken vriendinnen die nu op het puntje van hun stoel zitten, de vuisten gebald voor een onmiddellijke aanval mocht ik het wagen om te schrijven dat er daar wel over een tekort gesproken mag worden. Marie Kondo, het lijkt me zo'n type met een gezicht van plastic, dat je gladgestreken en met gebeitelde glimlach zal vertellen over haar methode. Maar zelfs zij zou enige zenuwtics vertonen bij de aanblik van 'cardigans in alle kleuren van de regenboog'. Het enige capsule aan mijn wardrobe is mijn reeks identieke skisokken.

Misschien net daarom dat ik toch een soort van schaarste opmerk als ik in mijn kleerkast sta. Ik heb nood aan rust in mijn hoofd en aan een portie sober en effen, niet aan een kleurenbom. Vandaar. Een relatief sobere jas. In grijze wol, een paar jaar geleden gevonden op een stockverkoop van grotemerkenstoffen. Loodzware stof, heel vast geweven, bijna vilt. Lekker warm en geweldig om mee te werken. Overal met dubbel doorstikte naden, want die gingen wat bol staan door de dikte en waren moeilijk plat te strijken.



Het model is een Lekalapatroon, nummer 4417, en ook niet. Er ging een testjas aan vooraf - wel met de originele lengte - en die bracht naar schatting 703 dingen aan het licht die niet helemaal goed zaten, hoewel het patroon zogezegd op maat had moeten zijn. Dit is dus een behoorlijk aangepast geval, al behield ik wel de mooie kraag en naden in de fronten. 

Om te beginnen kortte ik de boel een flink stuk in. De testjas hangt ook in mijn kast, en twee lange jassen, daar had ik nu niet meteen nood aan.


In korte versie vond mijn lieftallige wederhelft het allemaal wat 'afgesneden' aan de zoom, dus deed hij schoorvoetend de suggestie een rugsplit toe te voegen. Mijn lieftallige wederhelft moet zich vaker moeien, vindt u ook niet?


De kap wilde ik dan weer zelf graag. Omdat dat praktisch is, maar ook wegens het in de volksmond binnenkort vast algemeen aangenomen 'de kleren maken de man, en de voering maakt de jas'. En in dit geval zou ik wel gek geweest zijn om de voering nergens zichtbaar in de jas te stoppen... want ze is warm, zacht, zalig vlot verwerkbaar maar voornamelijk prachtig.



Ik zal mijn rits (ook part of the patroonhack) eens open doen, dan zie je ze beter.


Tadaa! French Terry van About Blue Fabrics, de stoffenlijn van Bambiblauw, uit de botanical garden reeks. Dit stofje is intussen al niet meer verkrijgbaar bij Bambiblauw zelf - naaiend Vlaanderen weet wat mooi is - maar wel bij heel wat andere webwinkels die de lijn ook verdelen.


Voila, in al haar glorie! Ik streek een laagje wattine tegen de stof, en we spraken af dat ze zich zou gedragen als katoen zolang ik aan het werk was, en als French Terry zodra ik de jas droeg. Ze hield woord: ik werkte met plezier met de gewone naaimachine en een stretchnaald/boventransportvoet en doorliep een lang maar bijna vloekloos parcours.


Ik zeg bijna, want bij het toevoegen van de split was mijn schaar overijverig - daar kon die stof natuurlijk niets aan doen - en dat zorgde voor een ietwat afwijkende rugsplitvoering. Ik kan er niet mee lachen in feite, maar het leven is aan de relativatoren. En van alle plaatsen waar de fout had kunnen zitten is 'op mijn derrière' symbolisch gezien misschien wel de beste locatie.


Het dresseren gebeurde met een labeltje en een jaslus volgens mijn intussen vaak beproefde biais/paspelrecept.


De kap is afneembaar en zit aan de kraag met 'onderstebovenknopen'. Er zit een rijtje knoopsgaten in de bovenste stoflaag van de kraag, en de knoopjes aan de onderkant van de kap schuiven daar onzichtbaar in.


Rest er mij nog Oon te bedanken. Voor een mooie dag waarop ze foto's nam. Ik zet me - het zal al dat mooie groen zijn - zelfs even over mijn aversie voor kikkerperspectief. Want, ik zei het al, hier staat een content mens.


dinsdag 18 oktober 2016

Tweeseizoenenjas voor warmbloedigen

Er zijn eigenschappen van jezelf, die je in je kinderen herkent, en waar je niet fier op bent. Je waagt je aan genenmeeting en koestert de absurde hoop om de exacte mix aan positieve punten door te geven, maar dat lukt denk ik zelden. Er zijn dingen die je met plezier doorgaf. En er zijn zaken die niet in jezelf zitten, en die je blij, en zelfs een tikje jaloers, bij je kind ontdekt. Zo word ik elke zomer weleens gegrild in een moment van onoplettendheid. Met de fiets van A naar B, en van wit naar rood. Terwijl Liv naast me prachtig bronst doorheen zonnemelk factor babyvelproof. En zo ben ik elke winter Miss Waarismijnfleece, terwijl Zanne bij min dertien naar school vertrekt met kniekousen en thuis komt met blote benen. En met stomende klachten over haar lekker / veel te warme winterjas.

Daar moest ik iets op vinden. Winterjasloos leek me geen optie. Want af en toe moeten 's moeders bezorgdheid én koude-voeten-barometer het halen van de koppigheid van die kleine ijsbeer. Maar ik had ook geen zin in een hele winter gezeur over wattine en te hoog dicht geritste kragen. En dus gingen we voor moduleerbaarheid. Als we een najaar krijgen zoals vorig jaar hebben winterjassen toch geen zin, dan kan ze met blote armen op pad tot in november, en is er dan pas sprake van 'tussenseizoen'. 

Ik maakte Straight-Grains Berlin, met enige lichte aanpassingen. 



Het jasje werd 2 maten verlengd, op vraag van de bestemmeling die graag jassen ziet die haar aan jurkjes doen denken. 


Ze vroeg ook een jas zonder gekriebel onder haar kin, dus ik maakte de staande kraag maar verlaagde een centimeter en liet hem niet overlappen. 


Eén aanpassing gebeurde noodgedwongen, doordat ik het rugpand 'misknipte' en maar net genoeg stof had. De jas mist dus die mooie plooi op de rug en heeft een extra naad die - hoera voor het slimme ontwerp - mooi op de deelnaden van de voorkant aansluit. 


Aan de mouwen zitten wat 'folliekes': duimgaten (op vraag) en klikkers voor wantjes. Zo lang er geen protest op komt, blijf ik me daarmee wapenen tegen weeswanten. (Al vrees ik dat het verdwijnen van Livs nonchalance en haar verbod op wantklikkers zich niet mooi synchroon zullen manifesteren.)




Het moduleerbare van de jas zit hem binnenin. Ik maakte de jas met soepele wol - uit haar stoffenkast - en kocht een katoentje voor de binnenkant in de verse bakstenen stoffenwinkel in mijn thuishaven. Het patroon schrijft wattine voor tussen die twee, maar die liet ik weg. Wol plus katoen, dat is prima voor Zanne zo lang het niet vriest.


Die twee strepen biais links en rechts, die houden deelbare ritsen op hun plaats. 


Want als het wel vriest, voegen we een soort van bodywarmer toe aan de binnenkant, getekend volgens het patroon van de voering, en 'inritsbaar' tegen dat biaislint.



Aan de hals voorzag ik eerst een soort van beleg, waaronder die bodywarmer werd vastgeknoopt. Mijn 13-koppig naaigezelschap van dit weekend zal even met de ogen rollen omdat ik de hele jas nog eens uit elkaar haalde nadat hij helemaal af was, beleg incluis. Maar ze zullen moeten toegeven: dat zag er nogal prototypisch uit. Heel veel 'systeem' voor iets dat au fond best eenvoudig kon. Dus voorzag ik een elegantere oplossing. Bovenaan de bodywarmer zit nu een 'holle kraag'.


Die schuif je over de jaskraag heen en kan je aan binnen- en buitenkant vastzetten met knoopjes. Had ik het op voorhand bedacht, dan had ik de gewone kraag ook in het bruin gemaakt, want dat geeft de jas vind ik wel iets extra's.



Ik moest enkel nog iets verzinnen voor de jaslus. Dus die doet nu van kiekeboe.



"Die bodywarmer gaat zelden uit de kast komen," beweerde ik op weekend. Dat had ik gedacht! Mejuffer mag dan geen fan zijn van 'te warm', ik blijk wel mijn voorliefde voor 'veel vijfen en zessen' door te hebben gegeven. Ze vond de ritsen geweldig, en trok dus maar al haar kleren uit om met haar blote rug die zachte binnenkant te kunnen voelen.

Nog een muts en een sjaal bij het geheel, en er kan er alvast eentje de herfst/winter in! 



zondag 28 augustus 2016

La vie en rose: een poging.

La vie en rose, het is niet ons talent. Mijn Zannezoet en ik, wij zijn niet altijd even goed in staat om van de kleine dingen te genieten. Of van het moment, van het 'nu' zonder zorgen over het toen of het morgen. Het is een trage leerschool, en een behoorlijk confronterend spiegeltje in mijn kielzog, worstelend met dezelfde knopen. Maar kom, de zon schijnt, en wij doen ons best.

We leven van de grote verdrieten, maar ook van de kleine successen. Onder dat laatstgenoemde valt tegenwoordig ook: stoffenkeuzeharmonie. Sinds ik mijn aversie voor roze liet varen (met als doorslaggevend argument: ze staat er nu eenmaal mee) en sinds ik haar laat kiezen uit een Pinterestbord en niet uit een hele stoffenwinkel, loopt het naaigewijs tussen ons allemaal very smooth. En we vinden een oplossing voor de kleine incidenten.

Zo pinde ik met succes de mooie stof die ze voor haar boekentas koos. Maar ergens in het doorlopen van de bestelprocedure bij Bellelien, viel haar oog op de goud gevlekte double gauze 'jewel song' van Nani Iro. Dat was de topper, dat zou het worden.

Double gauze, voor een boekentas? Ik had zelf eigenlijk weinig ervaring met de stof, dus checkte even bij mevrouw Khadetjes, en ik kon haar #schaterlach zo'n 140 km verderop horen klinken. Een no-go dus. Dus beloofde ik Zanne 'wel iets anders' met die stof. En het puzzelstuk viel al snel op zijn plaats.  Ergens op Instagram viel mijn oog op het St. Tropez Swing patroon van Rebecca Page, en dat leek me wél double gauze materiaal.



Een zalig patroon voor een hittegolf, dat ik maakte met een minimaal aantal aanpassingen. Ik knipte het biaislint aan de hals ook uit de stof, en deed van stitch in the ditch om geen zichtbaar stiksel te verkrijgen. 


Het detail waar ik voor viel was de opening aan de rug, die ik lichtjes aanpaste (verlengde) en waarin ik een drukknopje verstopte zodat de twee overlappende pandjes niet kunnen gaan draaien tijdens het dragen.


Het is een zalig luchtige stof en ook een zalig luchtig modelletje, ik had er dezer dagen bij 32°C met heel veel plezier zelf in rondgelopen.


Ik wilde graag een stukje van de mooie zelfkant van de stof behouden, dus hield ik de achterkant lang, en kortte ik de voorkant wat in. Want anders bedekte het helemaal roze naaisels 2, en dat zou toch ook zonde zijn. Ik vind het net leuk zo, met die 'slip' in donkerroze.



Roze naaisel 2 is een shortje in een plezant gordijnachtig stofje dat ik bij stoffen Pauli vond. Het patroon vermelden durf ik bijna niet: ik vertrok van een short uit een oude Knippie (uit Zannes geboortejaar 2010), maar dat was een bubble short waarvan ik in feite alleen de kruisnaad en de gulp behield. 


Want ik wilde graag een short met plooitjes en een zoom.


Intensief hacken, daarop wordt je soms afgestraft: versie 1 (valse gulp, te enthousiast stof weggewerkt bij het plooien, maatje kleiner) ging rechtstreeks naar onze afzetmarkt voor de klein geworden kleding. Wegens: te nipt, en te veel poepopvouwwerk nodig om er überhaupt in te geraken. Die afzetmarkt heeft gelukkig een uitzonderlijk goede (of in elk geval uitzonderlijk gelijklopende) smaak, dus de short is daar in goede handen en de dames kunnen twinnen. Bij versie 2 voegde ik - buiten een maatje groter en een echte gulp - ook nog een gesplitst achterpand en zakklepjes toe. Het moest een beetje uitdagend blijven, nee?



Wij zijn dan misschien geen rasechte roze gebrilden, Zanne en ik. Maar bij mooi weer en veel verzachtende roze omstandigheden, kan het leven ook best lollig zijn, niet?


maandag 14 maart 2016

Van ufo naar de bovenste plank

Dat dit een UFO was. Zoals zij dat zo schoon zegt. Een UnFinished Object. Zij heeft meer nood aan dat woord dan ik. (Ik mag dat zeggen.) Want dat is de manier waarop ze werkt: aan zeven dingen tegelijk, op een rijtje, of in de mand. Een eeuwige koers om van U naar Finish te hollen binnen een welbepaalde tijdspanne, namelijk: de tijd waarop zoonlief van maat naar maat groeit. (Indien werkstuk bedoeld voor Zoon 1, met Zoon 2 als backup.) Groot ♥tje voor dat Kwirstje, zo anders dan ik en daarom mijn perfecte partner in crime.

Maar nu had ik dus ook 'last' van een UFO. Deze jurk ligt hier al sinds Bloggers for life en ging eigenlijk mijn veilingstuk worden. Maar het werd niet wat het moest worden. Het rokdeel viel te recht, de verhoudingen van de top waren niet wat ik had gedroomd, enfin, het was niet je dat. Ok als kastvulling, niet mooi genoeg om in de veiling te gooien.

En dus werd de jurk verbannen naar de UFO-mand. Met haar grote maat nog tijd genoeg om er ooit iets van te maken. Maar kijk, op een dag pak je dat dan toch weer vast. Een kritisch oog over het geheel, een vriendin die de juiste kleur paspel uit mijn mandje aanwees en de streep munt door een streep perzik verving, en klaar was mijn jurk. Zeer naar mijn zin zelfs, ineens!



U moet goed kijken, maar ja hoor, het is wederom een hack van de Tinny met aangeknipte mouwen. Maar met wat toevoegsels. 


Mijn intussen beproefde recept met paspel aan de mouwen en een overlap onder de oksels. Ik deed het al eens hier en hier en vind het nog steeds tof. Het maakt het maakproces eigenlijk makkelijker.



Aan de hals kwam een officierskraagje dat uitloopt in een strik. Met het risico dat het er wat te tuttig zou uitzien. En het heeft inderdaad best iets retro-schooljuf-achtigs, maar ik vind het net leuk.


Net onder de strik zit een knopenrijtje dat kruist met een piepkleine V.


De stof kocht ik in een veiling van de stoffen van Dominique Ver Eecke. Ik heb nu al spijt dat ze op is, want het is prachtig satijnkatoen en bovendien een zaligheid om mee te werken. Gewoon ruitjes tellen om de boel op elkaar af te stemmen, en regelmatig ook gewoon op de lijntjes stikken. Dat geeft hier en daar een grappig grafisch effect. Op de rug bijvoorbeeld.


Maar ook aan schouders en kraag, waar de ruitjes wat willekeuriger tegen elkaar 'botsen'.





Een stofje naar mijn hart, en naar het hart van mijn Zanneke zoet. Dochtertje met streken, dochtertje met strikken. Het ligt soms dicht bij elkaar, en ik hou van beide versies!